Zekerheid voor alles

In elke situatie waarin een douaneschuld kan ontstaan moet een bedrijf zorgen voor een zekerheidstelling. Hieraan zitten heel wat haken en ogen, aldus de kenners van het Landelijk Team Zekerheid.

Wil je als ondernemer goederen van buiten de EU invoeren, of bijvoorbeeld in entrepot brengen? Dan vraagt de Douane om een zogenoemde zekerheidstelling. Wat houdt deze financiële regeling allemaal in, en wat kan de dienst voor bedrijven betekenen op dit vlak? Twee medewerkers van het Landelijk Team Zekerheid (LTZ) doen een boekje open.

“Samen met onze douanecollega’s van de Bedrijven Contact Punten – BCP’s – en Klantmanagement zorgen we voor een zo vlot mogelijke afgifte van douanevergunningen en de bijbehorende zekerheidstelling”, vertelt Evert Hogenbirk (links op de foto) van LTZ. “Voor het regelen daarvan hebben we rechtstreeks contact met bedrijven die daarom verzoeken, maar evengoed met borgmaatschappijen die garant staan voor douaneschulden.”

Storting of bankgarantie
“In principe is voor elke situatie waarin douaneschuld ontstaat zekerheid vereist”, vervolgt Hogenbirk. “Gaat het om een doorlopende zekerheid, dan treffen wij daarvoor een regeling. Stel dat jij als ondernemer aanklopt bij de Douane, omdat je een nieuw bedrijf bent gestart. Je wilt aan de ene kant goederen direct invoeren uit China, en daarnaast goederen in entrepot brengen. En het gaat om een substantieel volume van 100 containers per dag. In dat geval wil je natuurlijk niet voor elke container opnieuw in de rij staan om je douaneschuld te voldoen, maar opteer je voor een doorlopende zekerheid. Onze dienst bekijkt dan of jouw bedrijf solvabel en betrouwbaar is, en of je al bij ons bekend bent. Om wat voor soort goederen gaat het, welke rechten zijn eraan verbonden, komt er accijns aan te pas? En wat is de verschuldigde belasting als de zending op EU-grondgebied blijft? Kan jouw bedrijf de toets der kritiek doorstaan, dan spreek je met de Douane een periodiek bedrag aan zekerheid af. Laten we zeggen 1 miljoen euro, aan het eind van de maand te voldoen. Als wij een afschrift van de verleende vergunningen binnen hebben, verzoeken we jou zekerheid te stellen voor het afgesproken bedrag. Ons team LTZ gaat vervolgens die zekerheidstelling met jou regelen.”

“De meest gebruikte opties – samen goed voor 90 procent – zijn de bankgarantie en de contante storting”, zegt Hogenbirks collega Egbert van der Werff (rechts op de foto). “Bij de eerste vraag je een bank om op te treden als borgmaatschappij – er is slechts een handjevol financiële instellingen* dat deze rol op zich mag nemen. Bij de tweede maak je het afgesproken bedrag over naar ons betaalcentrum in Apeldoorn. Voor het regelen van zekerheid krijg je één maand de tijd. Wij controleren de betaling of de akte met de bankgarantie, en zetten deze in onze administratie. Als alles klopt en de Douane akkoord is, kun je gebruikmaken van je vergunningen.”

Bijstorten gewenst
Wat nu als een bedrijf om wat voor reden dan ook niet aan zijn financiële verplichtingen heeft voldaan? “Het zou zomaar kunnen dat de zaken zó goed gaan, dat het afgesproken bedrag ontoereikend blijkt te zijn”, stelt Hogenbirk. “Bij elke aangifte gaat er in ons systeem een bepaald deel af van het totale bedrag aan zekerheid voor invoer dat de onderneming met de Douane is overeengekomen. Zodra het saldo op nul staat, moet je bijstorten, want anders komen je aangiften er niet meer doorheen. Treedt zo’n tekort geregeld op, dan moet je in samenspraak met de Douane het maandbedrag permanent verhogen. Daar gaat normaal gesproken een hertoetsing aan vooraf. Is de nood echt hoog, dan schakelen we met het Betaalcentrum in Apeldoorn. Mogelijk is de extra storting van het bedrijf daar al binnen, maar nog niet zichtbaar in het systeem. In dat geval mag de betreffende onderneming even ‘rood staan’, zodat het douanesysteem weer aangiften van die partij accepteert.”

En wat als de zaken minder goed gaan? Van der Werff: “Wanneer een bedrijf niet heeft betaald, gaat bij de Douane een herinnering de deur uit, zo nodig nog eens, daarna een aanmaning… Helpt dat allemaal niet, dan komt LTZ in actie. In het geval van een bankgarantie berichten wij de borgmaatschappij dat een marktpartij niet aan z’n verplichtingen heeft voldaan, en dat wij ons geld graag van hen ontvangen. Dat moet je als ondernemer echter beslist niet willen, want dan zegt de borgmaatschappij het vertrouwen in jou op en trekt ze de akte terug. Mocht je later nog eens een bankgarantie nodig hebben… De eerste vraag in het aanvraagformulier luidt: is u ooit weleens een bankgarantie geweigerd, of is er een ingetrokken? Is het antwoord daarop ‘ja’, dan kun je het wel vergeten.”

Kortingen en vrijstellingen
Overigens hoeft niet iederéén een borg of betaling te regelen. “Kleine bierbrouwerijtjes, of klanten die een paar dozen wijn ter waarde van enkele honderden euro’s uit Frankrijk laten komen, hebben weliswaar een accijnsvergunning nodig, maar geen zekerheidsstelling”, legt Van der Werff uit. “Zo mag onze dienst bij een douaneschuld onder de 2.000 euro in de laatste categorie – die we ‘geregistreerd geadresseerd’ noemen – een vrijstelling verlenen. Die douaneschuld moet in dat geval uiteraard wel worden voldaan.”

Behalve vrijstellingen worden er ook kortingen verleend, tegen verschillende percentages, respectievelijk 50, 30 en 0 %. Een bedrijf met een doorlopende zekerheid moet daarvoor voldoen aan een aantal eisen, die vergelijkbaar zijn met de criteria voor AEO-certificaathouders. Hoe groot de korting is, hangt af van onder meer de compliance-maatregelen die de onderneming heeft genomen.

Zorgvuldigheid staat voorop
Complexe materie dus, kortom. Bovendien staan er miljarden aan douaneschuld uit voor wat betreft Europese vergunningen – ook al is de daadwerkelijk te stellen zekerheid door genoemde kortingen een stuk kleiner dan het referentiebedrag. “Vanwege het grote financiële belang is het dus echt opletten wat je doet”, zegt Van der Werff. “Is de aanvraag goed geregeld, is alle informatie juist in het systeem opgenomen, is de akte correct opgesteld? Staat de overnameclausule erin, kloppen de handtekeningen van de bank, is die ene medewerker van de bank geautoriseerd? We controleren dat allemaal uiterst zorgvuldig, om te voorkomen dat er dingen misgaan. Tegelijkertijd willen we bedrijven zo snel mogelijk helpen. Zoals gezegd krijg je één maand de tijd om de zekerheidstelling te regelen. Een bank kan de akte waarin de bankgarantie is uitgewerkt desgewenst per koerier naar ons toesturen. In de regel is het daarna binnen één à twee weken geregeld, en als het even kan nog eerder.”

Kenniscentrum
Inmiddels weten steeds meer mensen het LTZ te vinden. “Klanten kloppen bij ons aan, als ze meer willen weten over onder meer vergunningen en borgmaatschappijen”, zegt Hogenbirk. “De echt lastige vragen komen meestal van advocaten en notarissen, en gaan bijvoorbeeld over de hypothecaire zekerheidstelling. Dat is een minder vaak gebruikte variant, waarbij een bedrijfsruimte als onderpand fungeert. Zo zijn we langzaam maar zeker uitgegroeid tot een kenniscentrum. Die rol vervullen we graag – ook intern, voor onze douanecollega’s. We willen de deskundigheid op het gebied van zekerheid binnen de Douane op peil houden.”
Van der Werff: “Behalve een controlerende hebben wij dus duidelijk ook een dienstverlenende functie. Uiteindelijk gaat het er om dat we onze doelgroep goed bedienen. Hoewel wij met een druk op de knop een vrachtwagen in Rotterdam kunnen tegenhouden, is dat natuurlijk niet ons uitgangspunt. Alle partijen hebben baat bij goede afspraken en een vlotte doorstroom in de logistiek.”

* Een overzicht van deze maatschappijen is hier te vinden. 

Landelijke teams in de schijnwerpers
Douane Nederland telt verschillende landelijke teams en units, die zich stuk voor stuk toeleggen op specifieke taken en zeer specialistische expertise in huis hebben. Als kennis- en adviescentra ondersteunen ze de douaneregio’s, en vaak ook (direct of indirect) douaneklanten. Sommige van deze organisatieonderdelen (zoals de Centrale Dienst In- en Uitvoer, de Centrale Unit Accijnzen en de Nationale Helpdesk Douane) kwamen al eens of meermaals aan bod in Douane inZicht, andere kregen tot nu toe minder aandacht. Van die laatste groep belichten we er in dit nummer vijf: onze landelijke teams die zich bezighouden met respectievelijk waarde, tariefindeling, oorsprong, zuivering en zekerheid.

Latente douaneschuld
Elke aangifte vereist standaard het stellen van een zekerheid. Bij de berekening van het bijbehorende bedrag geldt dat dit gelijk moet zijn aan de douaneschuld die kan ontstaan. Ook moet daarbij worden uitgegaan van de hoogste invoerrechten, belastingen en heffingen die in Nederland op de goederen van toepassing zijn (douanerechten, omzetbelasting, accijns, verbruiksbelastingen op alcoholvrije dranken en kolenbelasting). Dit wordt ook wel de latente douaneschuld genoemd.

Deel dit bericht